Een lening voor een warmtepomp die aan je huis vastzit in plaats van aan jou persoonlijk, en die bij verkoop overgaat op de nieuwe eigenaar: KPMG concludeert dat dit juridisch en operationeel haalbaar is.
Een warmtepomp is voor veel huiseigenaren financieel de grootste stap in het verduurzamen van hun huis: al snel enkele duizenden euro’s, vaak meer dan wat er nog in de hypotheek past of wat een reguliere lening toelaat. Een oplossing die daarvoor al jaren wordt geopperd, maar telkens vastliep, is gebouwgebonden financiering: een lening die niet aan jou als persoon vastzit, maar aan de woning zelf. Een deze week gepubliceerd KPMG-onderzoek, opgesteld in opdracht van het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, concludeert dat zo’n lening “juridisch mogelijk en operationeel uitvoerbaar” is.
Wat is gebouwgebonden financiering precies?
Bij een gewone verduurzamingslening, zoals de Energiebespaarlening van het Warmtefonds, leen je op je eigen naam en blijf je aansprakelijk als je verhuist. Bij gebouwgebonden financiering (GGF) zit de lening aan het huis vast: verkoop je je woning, dan gaat ook de resterende betalingsverplichting over op de nieuwe eigenaar. De maandlasten worden bovendien niet primair op basis van je inkomen bepaald, maar op basis van de verwachte besparing op je energierekening na de verduurzaming, de gedachte is dat de warmtepomp zichzelf grotendeels terugbetaalt via een lagere energierekening.
Vijf voorwaarden die KPMG stelt
Het onderzoek is geen blanco cheque: KPMG noemt vijf voorwaarden waaraan een werkend model moet voldoen, wil het van de grond komen zonder de problemen van eerdere pogingen te herhalen:
- Een beperkte doelgroep, in elk geval in een eerste fase, in plaats van meteen voor alle huiseigenaren.
- Een woonlastenimpacttoets in plaats van een reguliere krediettoets: niet je inkomen, maar het effect op je totale woonlasten (energie plus lening) is bepalend.
- Consumentenbescherming die gelijkwaardig is aan die bij normale kredietverlening.
- Overdraagbaarheid bij verkoop van de woning, de kern van het hele concept.
- Een rente onder de marktstandaard, anders is het voor huiseigenaren niet aantrekkelijker dan bestaande opties.
Een dossier met een geschiedenis van mislukkingen
Dit is niet de eerste poging. Al in 2020 probeerde toenmalig minister Ollongren banken zo’n product te laten aanbieden, maar dat liep vast: banken vonden een lening die overdraagbaar moet zijn bij verkoop te complex en te risicovol om rendabel aan te bieden. Daarna werd de ontwikkeling belegd bij het Nationaal Warmtefonds, dat inmiddels wel gewone verduurzamingsleningen verstrekt, maar niet de gebouwgebonden variant. Het huidige onderzoek verkent daarom een andere juridische route, via de Wet op het financieel toezicht, in de hoop dat obstakel deze keer wel te omzeilen.
Wanneer weet je meer?
KPMG benadrukt zelf dat “nog niet alle knopen zijn doorgehakt”: de woonlastenimpacttoets moet nog verder worden uitgewerkt en getest voordat een product daadwerkelijk op de markt kan komen. Minister Boekholt-O’Sullivan (Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening) heeft toegezegd dit najaar inhoudelijk te reageren op het advies. Pas dan wordt duidelijk of het kabinet echt werk maakt van een wetswijziging, en op welke termijn een gebouwgebonden lening voor warmtepomp, zonnepanelen of isolatie daadwerkelijk aan te vragen is.
Wat kun je nu al doen?
Wacht je op deze lening, dan kan dat nog wel even duren: er ligt vooralsnog alleen een onderzoek, geen product. Overweeg je nu al een warmtepomp, dan blijven de bestaande routes het meest realistisch: de ISDE-subsidie (in 2026 nog ruim beschikbaar), een reguliere Energiebespaarlening bij het Warmtefonds, of extra hypotheekruimte die banken vaak specifiek voor verduurzaming bieden. Twijfel je of je woning al geschikt is zonder dat de stroomaansluiting verzwaard hoeft te worden, lees dan onze uitleg over warmtepompen bij bestaande aansluitingen. Mocht gebouwgebonden financiering dit najaar echt doorgaan, dan verlaagt dat de financiële drempel voor een warmtepomp aanzienlijk; wij volgen de reactie van de minister en berichten zodra er een concreet voorstel ligt.
Bron: Tweede Kamer, kamerstuk 2026D35729, KPMG-eindrapport onderzoek “Gebouwgebonden Financiering” in opdracht van het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, gepubliceerd 6 juli 2026, gemeld door Solar & Storage Magazine, 9 juli 2026.



